Openbaarheid stemcomputersoftware: auteursrecht wint van informatievrijheid

Drie jaar geleden wees de Amsterdamse rechter in kort geding een belangrijk vonnis in de zaak die het Bureau voor verkiezingsuitslagen B.V. had aangespannen tegen de Stichting Wij vertrouwen stemcomputers en haar bestuurders. Volgens de rechtbank handelde stichting in strijd met de auteursrechten van de maker door de software en de handleiding op Internet te zetten en die te laten downloaden.

Een dergelijke integrale openbaarmaking is geen proportioneel middel voor de door de Stichting gewenste transparantie. De stichting werd veroordeeld om de software en de handleiding van haar website te verwijderen.

De ruzie ging over de programmatuur in de stemmachines, genaamd Integraal stem systeem (ISS), waarmee bij verkiezingen de zetelverdeling kan worden berekend en de uitslag in detail aan de kiezers worden kenbaar gemaakt. De programmatuur wordt in Nederland vooral gebruikt voor de Nedap-stemcomputer.

Op 4 oktober 2006 publiceerde de Stichting een rapport over de (on)betrouwbaarheid van de AIVD, dat heeft geresulteerd in een rapport van 27 oktober 2006. In dat rapport wordt geconcludeerd dat de Sdu NewVote stemcomputer op bepaalde punten niet (geheel) betrouwbaar is. En dat de Nedap/[eiseres] stemcomputers ‘beter bestand’ blijken te zijn ‘tegen aanvallen via elektromagnetische effecten, zij het met enkele eenvoudige modificaties’. Sindsdien worden de Sdu stemcomputers niet meer gebruikt.

Via de website van de Stichting kon iedereen de ISS-programmatuur, meer specifiek de programmatuur voor de gemeenteraadsverkiezingen van 2006, en de handleiding voor het gebruik van deze software, downloaden. De Stichting had deze gegevens zonder toestemming van de eigenaar van de software op haar website geplaatst.

Als meest principiële verweer voerde de Stichting aan dat het mogelijke auteursrecht van de maker in dit geval moet wijken voor het recht op vrijheid van meningsuiting (informatievrijheid) van de Stichting. De Stichting heeft daartoe betoogd dat het algemeen belang vereist dat verkiezingen transparant en controleerbaar zijn en dat eiseres door het geheim houden van zijn programmatuur hieraan in de weg staat. Door de software te publiceren wil de Stichting haar constatering dat deze fouten bevat ondersteunen en geloofwaardig maken. Ook wil zij hiermee derden in staat stellen aanvullend onderzoek te doen.

Immers, het in artikel 10 EVRM neergelegde recht op vrijheid van meningsuiting kan in bij de wet voorziene gevallen worden beperkt ter bescherming van de rechten van anderen, mits die beperkingen in een democratische samenleving noodzakelijk zijn. In beginsel is het auteursrecht zo’n toegelaten beperking.

Maar volgens de rechter snijdt dit verweer in deze casus geen hout. Integrale openbaarmaking van de volledige ISS-programmatuur, met de mogelijkheid van downloaden, kan echter, mede gelet op de belangen van eiseres, niet worden beschouwd als een proportioneel middel voor het verwezenlijken van de gewenste transparantie.

Ook zonder deze algehele openbaarmaking moet de Stichting in staat zijn haar bevindingen over de software geloofwaardig te maken, terwijl niet valt in te zien welke willekeurige derden nader onderzoek zouden moeten doen.

Overzicht jurispudentie bedreiging via e-mail politicus Wilders

Misbruik van Internet en e-mail komt in allerlei vormen voor; ook als bedreiging van individuen, waaronder politici. Zo veroordeelde de Zutphense politierechter 5 december jl. een 32-jarige man tot een geldboete van EURO 750 voor het bedreigen van Tweede Kamerlid Wilders. De officier van justitie eiste eerder een werkstraf van 60 uur, waarvan de helft voorwaardelijk.

De politierechter heeft een boete opgelegd omdat de man niet eerder met justitie voor dit soort zaken in aanraking is gekomen. De boete is echter hoger dan anders, omdat de man Wilders bedreigde wegens diens werk als politicus.

De man stuurde op 6 maart 2008 via de website van de PVV een e-mail naar Tweede Kamerlid Wilders. In die e-mail schreef hij: ‘ik gun je de dood als ik je ooit tegenkom verneuk verkracht vermoord ik je vuile hond’. Na aangifte door Wilders heeft de politie het IP-adres van de man achterhaald. Zijn woning is doorzocht en een laptop is in beslaggenomen. Uiteindelijk heeft de man bekend de e-mail aan Wilders te hebben verstuurd. Hij was boos op de politicus, maar wilde naar zijn zeggen wilde Wilders niet echt wat aandoen.

Eerder werd een andere verdachte op 8 augustus 2008 door de politierechter Zwolle-Lelystad vrijgesproken in een soortgelijke zaak. Hier oordeelde de rechter er geen sprake was van een bedreiging met een misdrijf tegen het leven gericht of om zware mishandeling. De man verscheen voor de politierechter wegens het versturen van een bedreigende e-mail gericht aan Geert Wilders, met onder mee de tekst: ‘Vuile Geertje, je tijd is gekomen, wie het laatst lacht, lacht het best’.

Volgens de politierechter zijn de woorden ‘je tijd is gekomen’ echter voor meerdere uitleg vatbaar, waardoor het in dit geval niet zonder meer doodsbedreigingen zijn. De islamitische verdachte had in de e-mail ook laten weten dat Wilders zou worden besneden. Besnijdenis wordt voor iemand die dat niet wil gezien als mishandeling, maar niet als zware mishandeling.

Op 16 februari 2009 veroordeelden de kinderrechter en politierechter van de rechtbank Den Haag drie minderjarigen en een meerderjarige die per e-mail de politicus hebben bedreigd, tot werkstraffen. De drie jongens werden allemaal veroordeeld tot een werkstraf van 50 uur, waarvan 20 uur voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar. Zij waren 12 en 13 jaar oud toen ze de bedreigingen verstuurden. Het ging volgens de kinderrechter om serieuze bedreigingen. Wilders heeft zich bedreigd gevoeld en kon niet weten dat de bedreigingen van jonge jongens afkomstig waren.

De impact van dergelijke bedreigingen op Wilders, is enorm, aldus de rechter. Omdat de jongens alle drie hebben meegedaan aan het versturen van de bedreigingen kregen zij alle drie dezelfde straf.

Een 31-jarige man, die Wilders eveneens per e-mail heeft bedreigd, werd door de politierechter veroordeeld tot een werkstraf van 180 uur, waarvan 80 uur voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar. Ook in dit geval ging het volgens de rechter om ernstige bedreigingen.

Cloud computing helpt overheidsorganisaties fors te besparen

Alle 1600 overheidsorganisaties in ons land zijn in de ban van de 35 miljard euro die de regering wil bezuinigen. Met gemeenteraadsverkiezingen, en nu ook landelijke verkiezingen voor de deur, debatteren politieke partijen over verhoging van (lokale) belastingen of het snijden in het budget voor cultuur. Maar politici en openbaar bestuurders doen er goed aan tevens de informatie- en telecommunicatietechnologie op de korrel te nemen, zowel voor wat betreft de interne back-office als de extern-gerichte elektronische overheidsdiensten, aldus pleit EuroCloud Nederland.

Zoals eerder aangegeven, betreft cloud computing een automatiseringsmodel, waarbij de technologie niet langer als product maar als dienst, op afstand over vaste en draadloze netwerken, via Internet wordt aangeboden. Hotmail en zoekmachines zoals Altavista en Google behoren tot de oudste voorbeelden. De informatieverwerking wordt gedaan in datacenters, die vaak aan elkaar gekoppeld zijn. ICT — in de zin van rekenkracht — krijgt daarmee het karakter van een nutsvoorziening, te vergelijken met stroom uit het stopcontact. Noem het ‘vloeibare’ technologie. In het bedrijfsleven stomen onder meer financiële applicaties en andere bedrijfstoepassingen in hoog tempo op als dienst. Daarmee kan ook de overheid voordelen behalen.

Kiezen voor web-based toepassingssoftware en gehoste infrastructuren betekent delen van digitale hulpmiddelen en voortdurend gebruik maken van de nieuwste technologie, tegen lagere kosten. Maar de voordelen reiken nadrukkelijk verder. Cloud computing faciliteert tijd- en plaatsonafhankelijk werken in optima forma.

Wie slim is en doelmatig wil werken zet dus het nieuwe werken in als een bewuste, horizontale bedrijfsstrategie, op grond waarvan de arbeidsproductiviteit stijgt, bedrijfskosten verlagen en de wendbaarheid van de organisatie toeneemt. Ook het nationale Innovatieplatform signaleerde vorig jaar de voordelen die ‘smart organisations’ kunnen behalen, in het bijzonder wanneer technologische innovaties worden gekoppeld aan het vernieuwen van bedrijfsprocessen.

Het nieuwe werken zorgt bovendien voor een betere balans tussen werk en privé van werknemers en stimuleert persoonlijke ontwikkeling. Daarnaast wegen de milieuaspecten mee, ook in het kader van maatschappelijk verantwoord ondernemen, dat de overheid tegenwoordig haar toeleveranciers voorschrijft. Dankzij de beschikbaarheid van breedband-Internet en het model van cloud computing kunnen overheidsorganisaties eindelijk flink vooruit. Werk wordt — voor kenniswerkers — iets wat je doet, niet waar je perse naar toegaat.

Dat ook nieuwe manieren van werken kostenbesparingen kunnen realiseren, blijkt uit de praktijk. Zo becijferde een Nederlandse vestiging van een Amerikaans hightechbedrijf twee jaar geleden dat de gemiddelde kantoorwerkplek in ons land 8.100 euro per jaar kost, tegenover 2.800 euro per jaar voor een werkplek in het kantoor van dit bedrijf.

Voor de huisvestingskosten van een medewerker (de thuiswerkplek) betaalt het Amerikaanse bedrijf 1.400 euro per jaar. In concreto levert invoering van flexibele, op activiteiten gebaseerde werkplekken op de zaak (met aanzienlijk minder werkplekken dan werknemers), samen met deeltijd telethuiswerk, de arbeidsorganisatie dus een directe besparing op van 3.900 euro jaar per medewerker.

Cloud computing en het nieuwe werken zijn partners in het verlagen van bedrijfskosten.